Dat
fijne geborgen gevoel moet terug Een vrouw die zo bang is voor
de pijn bij de bevalling, dat ze het liefst een keizersnede wil. Of een aanstaande
moeder die na een traumatische eerste bevalling geen tweede zwangerschap aandurft.
Utrechts Nieuwsblad 4 februari | Anouk Middelkamp Hedwig van Damme uit Houten
kwam in haar praktijk als verloskundige geregeld dit soort verhalen tegen. Ze
besloot een praktijk op te richten voor de (emotionele) begeleiding en nazorg
van de zwangerschap en bevalling. Een zwangerschap is méér dan
een dikke buik en kwaaltjes. Bij ieder nieuw leven horen ook emoties, gevoelens.
En dat is niet altijd een roze wolk, heeft Van Damme ervaren tijdens de twintig
jaar dat ze in een verloskundigenpraktijk werkte. "ik heb regelmatig gezien
dat de zwangerschap en bevalling tegenvielen. Dat vrouwen bijvoorbeeld toch naar
het ziekenhuis moesten terwijl ze thuis wilden bevallen. Of dat de pijn een stuk
sterker was dan ze hadden verwacht. De ene vrouw kon daar makkelijker mee omgaan
dan de ander. Ik heb me altijd afgevraagd waarom." Tijdens de spreekuren
als verloskundige voelde ze al snel aan welke vrouwen wel wat extra hulp konden
gebruiken. "Het is een soort zesde zintuig dat ik in de loop der jaren heb
opgebouwd. Ik realiseerde me steeds vaker dat ik daar iets mee moest doen." Van
Damme, die inmiddels niet meer in een verloskundigenpraktijk werkt, besloot zich
een tijdje geleden te gaan verdiepen in de emotionele aspecten van de zwangerschap
en bevalling. Ze volgde cursussen en workshops om de (zwangere) vrouwen zo goed
mogelijk te kunnen begeleiden. Langzamerhand ontstond Le Toucher, haar eigen praktijk
in Houten. Daar begeleidt ze aanstaande moeders die "gewoon lekker willen
ontspannen met een massage", maar ook vrouwen die net bevallen zijn en (
nog) niet van hun kind kunnen genieten. "IK vind het belangrijk om vrouwen
weer vertrouwen te geven in hun eigen lichaam. Dat heeft hen, voor hun gevoel,
in de steek gelaten. Je lichaam moet weer je vriend worden, in plaats van je vijand." Massages Om
dat doel te bereiken, voert ze lichaamsmassages uit en praat ze ook veel met (aanstaande)
ouders. Daarnaast probeert ze met visualisatie terug te gaan naar die ene traumatische
ervaring. "Een vrouw die haar kindje de eerste uren na de geboorte heeft
moeten missen, is vaak helemaal vergeten hoe die eerste minuut na de bevalling
voelde, hoe het rook. Ik probeer dat fijne, geborgen gevoel terug te brengen." Vrouwen
en hun partners kunnen bij Van Damme ook terecht voor praktische informatie, dingen
die ze hun gynaecoloog of verloskundige niet kunnen of durven vragen. Meestal
zijn vijf of zes sessies voldoende om wat aan de vragen of problemen te doen.
De Houtense wil ook vrouwen met dezelfde problemen bij elkaar brengen. Dat doet
ze via een forum op haar website. "Er zijn al wel discussiegroepen voor vrouwen
die bijvoorbeeld zwangerschapsvergiftiging hebben gehad, maar er is nauwelijks
iets voor minder concrete problemen." Volgens de Houtense is er veel
vraag naar emotionele begeleiding bij de zwangerschap. "De verloskundigen
besteden natuurlijk ook aandacht aan dit onderwerp, maar werken onder tijdsdruk
in grote praktijken. Daar is niet altijd tijd voor uitgebreide gesprekken."Bovendien
voert de verloskundige de laatste nacontrole uit tijdens de zesde week na de bevalling.
"En vaak komen de emoties pas daarna." De Houtense haalt veel
energie uit haar werk. "Het is prachtig om als verloskundige een bevalling
te doen, betrokken te zijn bij nieuw leven. Maar als een vrouw je zegt dat ze
na je begeleiding eindelijk écht moeder is geworden, is dat misschien nog
wel mooier." Verloskunde werkt aan richtlijn. Verloskundige
besteden tijdens controles óók aandacht aan de psychosociale begeleiding
van de zwangerschap en bevalling. "Tijdens de opleiding wordt hier wel aandacht
aan besteed, maar er zijn nog geen officiële richtlijnen voor,"zegt
beleidsmedewerker Pien Offerhaus van de Koninklijke Nederlandse Organisatie van
Verloskundigen (KNOV) in Bilthoven. De organisatie werkt daarom op dit moment
aan een richtlijn voor de psychosociale begeleiding van zwangere vrouwen. Eerder
werden er al richtlijnen uitgevaardigd over bijvoorbeeld, bloedarmoede, Hygiëne
en het begeleiden van de baring. Voor de nieuwe richtlijn is inmiddels begonnen
met een literatuuronderzoek. Ook vinden er groepsinterviews plaats met zwangeren
en verloskundigen. Dit moet aan het eind van dit jaar uitmonden in een richtlijn.
Deze wordt aan alle leden van de KNOV, zo'n 92 procent van alle verloskundigen,
verstuurd.
|